top of page
IRSElogo-horizontal.png

Classificatie volgens CENELEC

  • 1 nov 2025
  • 1 minuten om te lezen

Spoorwegtechnologie is een zeer traditioneel technologisch gebied met veiligheidsprincipes die al meer dan 150 jaar bestaan. Desondanks is de spoorwegveiligheid de afgelopen decennia steeds innovatiever geworden. Dit begon met elektronische interlockings waarvoor een nieuw type norm nodig was, namelijk CENELEC EN 50128 en EN 50129. Dit heeft geleid tot een volledig nieuwe aanpak om te aan te tonen of een elektronisch systeem veilig is, namelijk het safety assessment. Dit gebeurt volgens een standaard aanpak op basis van de Europese regelgeving voor het ontstaan van nieuwe systemen en bij significante wijzigingen van bestaande veiligheidssystemen en -installaties, het zogenaamde V-model, conform CENELEC-norm EN 50126.  Er zijn vier safety integrity levels gedefinieerd. De indeling van deze norm is onafhankelijk van de technologie en de uitvoering van het systeem. In het algemeen worden de spoorwegbeveiligingssystemen op basis van de veiligheidsanalyses ingedeeld in Safety Integrity Level 4, in enkele gevallen, zoals (vanwege de lagere risico’s) bij wisselbediening op opstel c.q. rangeerterreinen volstaat SIL 2. Een specifiek voorbeeld is de Binckhorst bij Den Haag. 


Voor nieuwe technologieën moet daarbij de levenscyclus beschreven zijn, waarin per stap de gevaren en risico's tot een acceptabel niveau moeten worden teruggebracht, waarbij de standaard Europese CSM-methodiek (Common Safety Methods) wordt toegepast.


Wim Coenraad, van wie veel tekst op deze site afkomstig is, had in zijn tijd als Assessor gevleugelde uitspraken bij dit onderwerp. Als iemand hem vertelde dat iets veilig was, had hij de volgende vragen om overtuigd te raken:

  • Geloof je dat het veilig is, of weet je het zeker?

  • Als je het zeker weet, heb je dat dan opgeschreven?

  • Zo ja, laat maar zien dan!


Bronnen en Links:



Opmerkingen


bottom of page